Een sterk rechtvaardigheidsgevoel?

iedereen gelijk

iedereen gelijkWe weten dat Nieuwetijdskinderen geboren zijn met een sterk rechtvaardigheidsgevoel. Maar wat houdt dat precies in? Is dat al te merken bij baby’s? Ik heb geprobeerd het op te zoeken op internet, wat IS een rechtvaardigheidsgevoel maar een echte uitleg vond ik niet. Daarom  zal ik het aan de hand van mijn eigen ervaringen proberen uit te leggen.

Het is ondanks dat je er vrij weinig op internet over kan vinden vrij simpel uit te leggen. Als je een sterk rechtvaardigheidsgevoel hebt dan wil je graag dat iedereen ongeacht geslacht, huidskleur, achtergrond of geloof hetzelfde behandeld wordt! Kortom iedereen is gelijk! Dit is vaak te zien in verschillende dingen.

Een rechtvaardigheidsgevoel kan al op jonge leeftijd beginnen. We kunnen dat al zien aan kinderen die al op jonge leeftijd leren delen. Delen is iets wat kinderen vaak nadat ze een jaar zijn vanuit zichzelf doen. Maar daarna kunnen ze ook een periode krijgen dat ze alles voor zichzelf willen houden. Ook dit proces is weer belangrijk! Want het is belangrijk dat ze weten dat ze een eigen IK hebben. Het juist goed om ze te corrigeren en uit te leggen dat ze moeten delen.

Al vrij snel hebben kinderen door wat de één heeft moet de ander ook hebben. Dus als de één een snoepje krijgt moet het broertje/zusje of vriendje of wie op dat moment in de buurt is ook een snoepje hebben. Bij mijn neefje merk ik dit bijvoorbeeld heel erg sterk! Als hij vraagt om een snoepje, vraagt hij er gelijk achteraan “Krijgt … ook een snoepje?” Net alsof hij bang is dat de ander overgeslagen wordt.

Het is belangrijk om kinderen gelijk te behandelen, maar ook dat is met een bepaalde leeftijd ertussen best lastig. Als de één iets ouder is, dan mag die vaak iets later naar bed als de ander. Toen ik en mijn zusje uit gingen moesten we beiden om twee uur thuis zijn. Ik vond dat nooit eerlijk omdat ik twee jaar ouder was. Daarom zorgde ik vaak dat ik net iets later als haar thuis was! Met het vervolg dat ik te laat was en vaak huisarrest had.

Nieuwetijdskinderen hebben dit vanuit nature en daar kun je niks aan veranderen. Dus probeer er rekening mee te houden om ze gelijk te behandelen en schrik niet als ze heel heftig kunnen reageren als je dat niet doet. Ze zullen ook erg gevoelig reageren als ze merken dat iemand onrechtvaardig behandeld wordt. Dit kan thuis voorkomen, maar ook op school of buiten. Probeer er niet tegen in te gaan! Want als ze vinden dat iemand onrechtvaardig bezig is, dan is dat voor ook altijd zo!

Merk jij dat bij je kinderen ook? Of misschien wel bij jezelf als nieuwetijds volwassene?

Nieuwetijdskind weetje… Emoties!

emoties

emotiesZoals we al eerder schreven voelen Nieuwetijdskinderen heel veel aan. Wist je dat ze emoties van anderen aan kunnen voelen? Ze kunnen zichzelf niet goed buiten een situatie, een gebeurtenis of emotie van een persoon plaatsen. Bijvoorbeeld als een volwassene boos is, wordt een nieuwetijdskind een met die boosheid. Een nieuwetijdskind voelt zichzelf ook boos of krijgt er (bijvoorbeeld) hoofdpijn van. Ze zijn zich er echter niet van bewust dat deze boosheid niet van zichzelf is. Een nieuwetijdskind ervaart de boosheid alsof hij/zij zelf boos is. Als een nieuwetijdskind een ruimte instapt waar anderen zitten pikken ze emoties/energieën op van anderen. Je begrijpt dat is niet niks!

Het is dus voor deze kinderen heel erg belangrijk  dat ze leren hoe ze zich kunnen afsluiten voor emoties van anderen en dat ze de verschillende emoties leren kennen. Wat voel je nou bij een bepaalde emotie? Wat doet het met je? Hoe kan je ermee omgaan? Dit zijn eigenlijk allemaal verschillende vragen wat ze al vrij vroeg spelenderwijs moeten leren. De kans bestaat dat als ze het niet weten niet goed onderscheid kunnen maken tussen hun eigen gevoel/emotie en de emotie wat bij een ander hoort. Door het voelen en ervaren vanuit een groter geheel kan een valkuil zijn dat een nieuwetijdskind eerder op een ander dan op zichzelf gericht is. Dit zorgt ervoor dat ze niet alleen minder goed contact kunnen hebben met hun eigen innerlijke behoeften, maar ook met hun eigen lichaam. Wanneer ze hun lichaam minder goed voelen, kunnen ze grenzeloos doorgaan: ze kunnen zichzelf makkelijk fysiek uitputten. Ze fungeren in zo’n situatie eigenlijk als spiegels, maar vaak ervaart de ouder het kind op dat moment als “lastig”.

Maar hoe kun je als ouder je kind hierin begeleiden en helpen? Op onze fb pagina vind je verschillende tips in de vorm van boeken en spellen. ( Zoals bijvoorbeeld het Krachtspel van Heleen Purperhart of het boek Help! Ik voel zoveel).

We zullen in in de loop der tijd meer tips, spelletjes en filmpjes met je delen om je wegwijs te maken.

Wil je privé een situatie beschrijven of een tip dan mag je ook altijd een e-mail sturen.

Nieuwetijdskinderen en onderwijs

NT school

NT schoolKinderen brengen een groot deel van hun kind zijn door op school. School dient daarom ook een fijne veilige plek te zijn. Een plek waar kinderen zich veilig voelen. Een goede sfeer op school is daarbij een eerste vereiste. Ze hebben baat bij een rustige, positieve sfeer in de klas. Tegelijkertijd is school een plek waar kinderen snel overprikkeld kunnen raken. Er gebeurt van alles om hun heen, in de verte horen ze een vogel fluiten, een kind achter in de klas die zijn neus ophaalt, de beamer van het digibord wat zoemt, een kind wat niet lekker in zijn vel zit wat ze aanvoelen etc. Ondertussen moeten ze zich focussen op de instructies van de leerkracht en het concentreren op het afmaken van werk. Dat is een hele klus als je tegelijkertijd (intens) allerlei prikkels ontvangt via je zintuigen. Deze prikkels leiden kinderen af van datgene wat ze moeten doen.

Sommigen nieuwetijdskinderen kunnen op school ondanks het oppikken van de vele indrukken nog keurig in het gareel lopen. Als ze eenmaal thuis zijn, worden ze hyperactief, vervelend of recalcitrant, omdat het thuis veilig is om de prikkels te ontladen. Er zijn echter ook kinderen die niet wachten tot ze thuis zijn. Zij worden op school al stuiterballen.

Veel nieuwetijdskinderen reageren op een dergelijk negatieve manier op het onderwijs. Wat ze zoeken en hopen te vinden zijn niet zozeer allerlei reken- en taallessen, ze zoeken vooral hulp bij de dingen die ze beleven- om die te kunnen begrijpen en een plaats in hun leven te geven. Daarnaast willen ze hun speelsheid en beweeglijkheid vorm leren geven. Ze willen weten hoe je met conflicten moet omgaan en hoe ze beter voor zichzelf kunnen opkomen. Bovendien willen ze graag iets horen over de geestelijke wereld, omdat ze zelf nog sterk in verbinding met die wereld staan en leven. Ze willen zich creatief kunnen uiten, omdat ze juist in hun creativiteit hun diepere weten en aanvoelen tot uitdrukking kunnen brengen. Kortom: het onderwijs dat ze zoeken en willen, moet aansluiten bij hun belevingswereld, hun vragen en bij de beelden en de creatieve mogelijkheden die in hen leven. Dat betekent dus, dat ze een heel ander type onderwijs zoeken (en nodig hebben!) dan het reguliere onderwijs van dit moment.

Kinderen worden reeds vanaf hun kleutertijd onderworpen aan Cito- toetsen. Scholen dienen over de resultaten hiervan verantwoording af te leggen aan de onderwijsinspectie. Het doel van het afnemen van Cito-toetsen is om de cognitieve ontwikkeling van kinderen nauwkeurig te kunnen volgen. Echter zeker niet minder belangrijk is het volgen van hun sociaal- emotionele ontwikkeling. Op scholen gebeurt dit ook maar daar zou echt veel meer aandacht naar uit moeten gaan. Juist nieuwetijdskinderen hebben meer nodig dan voeding voor hun IQ. Ze verlangen ook naar voeding voor hun emotionele intelligentie (EQ) en hun spirituele intelligentie (SQ). Voeding in de vorm van inspiratie, hulp en aandacht om hun sociaal- emotionele kwaliteiten (nog meer) tot uiting te kunnen brengen. Voeding om ze bewust te maken van het feit dat het veilig is om gevoelig, wijs en intuïtief te zijn. En dat ze zich niet anders hoeven voor te doen om ‘ erbij te horen’: ze hoeven niet stoer of buiten proportie assertief te worden als dat niet bij hen past. School kan hierbij een belangrijke rol spelen.

Zowel voor de leerprestaties als de sociaal- emotionele ontwikkeling geldt dat niet ieder kind zich ontwikkelt op hetzelfde moment volgens de maatstaven van hoe het moet zijn volgens bepaalde statistieken. Nieuwetijdskinderen laten zich niet inpassen in grafieken en tabellen. Deze kinderen leren door ervaring op het moment dat ze er aan toe zijn. Het ene kind wil in zijn leven andere kwaliteiten, talenten en gaven tot expressie brengen dan het andere kind. Elk kind is ergens goed in.

Kwaliteiten die een nieuwetijdskind voor het realiseren van zijn levensmissie niet nodig heeft, zal hij/zij links laten liggen. Nieuwetijdskinderen zullen op school ook niet goed presteren als het om die kwaliteiten gaan. Op school wordt echter verwacht dat kinderen op gezette tijden voor alle kwaliteiten een bepaalde ontwikkeling doormaken. Voor een nieuwetijdskind voelt het daarentegen prettig om op school de dingen op zijn/haar manier en in zijn/haar eigen tempo te mogen doen en te ontwikkelen. Dit kan tot uitdrukking komen wanneer gekozen wordt voor een onderwijssysteem dat het belang van het ontwikkelen van individuele kwaliteiten, talenten en gaven in acht nemen.

De balans tussen enerzijds gedwongen leren, de druk vanuit de onderwijsinspectie, het reproduceren van feiten, de Cito- toetsen en anderzijds aandacht voor individuele behoeften en het ontwikkelen van kwaliteiten/talenten/gaven mag opnieuw serieus bekeken worden. Als de aandacht meer verplaatst wordt van informatie-reproducerende kinderen naar kinderen die op hun eigen tijdstip hun natuurlijk potentieel kunnen ontwikkelen, wordt het fijner om naar school te gaan.

Het vergt extra aandacht en energie om een andere manier van denken en benaderen te ontwikkelen voor reguliere scholen, maar het uiteindelijke resultaat levert veel op.

Zou het niet fantastisch zijn als er meer balans zou komen tussen leren met het hoofd en leren met het hart? En dat het meer gaat om wie ze zijn dan wat ze presteren?Juist gevoelige kinderen – wat nieuwetijdskinderen nu eenmaal zijn- hebben veel aan een kunstzinnig onderwijs en een creatieve opvoeding die met deze inzichten rekening houden. Werken met kleuren, toneelspelen, sprookjes (voor)lezen en muziek maken zijn in deze fase (7-14) essentieel. Waar nieuwetijdskinderen echter een onderwijs krijgen dat niet gestoeld is op deze inzichten, kunnen zij hun innerlijke onvoldoende tot ontwikkeling en tot evenwicht brengen. En dat leidt weer tot een toenemende innerlijke onrust, en dus tot concentratiegebrek en hyperactiviteit.

Herken je bepaalde dingen in dit stuk? Deel je ervaring met ons!

Lfs, J&R 

Meer lezen? – Hans Stolp (De levensopdracht van nieuwetijdskinderen) Drs. K.M.W.Janssen (Kinderen bewust (op)voeden)

Volwassen nieuwetijdskinderen

img623401576

Toen eenmaal de eerste berichten over nieuwetijdskinderen verschenen en er meer over dit nieuwe verschijnsel verteld en geschreven werd- en er vervolgens lijstjes kwamen met de typische kenmerken van een nieuwetijdskind, kwamen er steeds meer volwassenen die zeiden: Maar in die beschrijvingen herken ik mezelf! Ik weet niet hoe dat kan, maar ik ben vast ook een nieuwetijdskind!  Achteraf gezien blijkt het verschijnsel nieuwetijdskind ouder te zijn dan we dachten: het werd weliswaar pas in de jaren tachtig ontdekt, maar het verschijnsel zelf is een stuk ouder: er zijn ouderen die nog voor de Tweede Wereldoorlog geboren werden (dus voor 1940), maar die je nieuwetijdskinderen zou mogen noemen nog voordat die term uitgevonden was. Alleen in die tijd ging het nog slechts om enkelingen. Je mag deze allereerste nieuwetijdskinderen de voorhoede noemen en daarom betrof het in die eerste decennia nog slechts weinig mensen. Dat is dan ook de reden waarom het verschijnsel nieuwetijdskinderen pas veel later, in de jaren tachtig, begon op te vallen, toen er op een zeker moment steeds meer van hen kwamen. In de verhalen van de oudere, volwassen nieuwetijdskinderen, komen bepaalde kenmerken, eigenschappen en ervaringen steeds weer terug. Niet alle nieuwetijdskinderen zijn gelijk en dus niet ieder volwassen nieuwetijdskind zal zichzelf in alle genoemde punten (kenmerken) herkennen. De een is nu eenmaal meer dit, de ander meer dat. De een is meer een humanist, de ander meer een conceptueel- en tussen beide liggen werelden van verschil.

Wat opvalt is het feit dat de levenshouding van oudere nieuwetijdskinderen in het begin niet zo heel erg veel afwijkt van die van de jongere nieuwetijdskinderen. Wel mag je zeggen: bij de jongeren zijn hun nieuwetijdseigenschappen over het algemeen meer uitgesproken: zij zetten een paar stappen verder- en soms zelfs een paar stevige stappen verder- dan de ouderen dat nog ver mochten doen.

Een enkele keer zijn de verschillen tussen oudere en de jongere nieuwetijdskinderen echter juist wel groot, zelfs levensgroot. Een goed voorbeeld daarvan is het feit dat de jongere nieuwetijdskinderen (in het algemeen gesproken) nauwelijks of geen last hebben van valse schuldgevoelens en daarmee ook niet gemanipuleerd kunnen worden. Ze kijken zelfs neer op de volwassenen die hen toch een schuldgevoel proberen aan te praten en hen zo proberen te manipuleren. Probeer je zoiets als ouder, dan verlies je daarmee je gezag naar je kind toe. De oudere nieuwetijdskinderen waren daarentegen juist overgevoelig voor valse schuldgevoelens, en velen van hen proberen zichzelf op oudere leeftijd nog altijd daarvan te bevrijden. Hoe is dat eigenlijk mogelijk? En waarom hadden de oudere nieuwetijdskinderen niet dezelfde instelling? Omdat de geestelijke energieën die het loslaten van valse schuldgevoelens mogelijk maken op dat moment nog nauwelijks de aarde hadden bereikt en daar nog nauwelijks actief werkzaam waren geworden. Dus bezaten de oudere nieuwetijdskinderen de houding die op dit vlak toentertijd iedereen eigen was. Zij kenden die gevoelens meestal zelfs nog sterker dan hun leeftijdgenoten, juist door hun afwijkende levenshouding, voortdurend allerlei schuldgevoelens- met en zonder woorden- aangepraat werden en zij daar door hun sensitiviteit, extra gevoelig waren.

Hans Stolp beschrijft in zijn boek De levensopdrachten van nieuwetijdskinderen de specifieke levenservaringen van oudere nieuwetijdskinderen en die zijn inziens het meest kenmerkend zijn voor de oudere generatie nieuwetijdskinderen.

Ik noem ze op, de volledige beschrijving is in zijn boek te vinden:

  • Leven met een gevoel van heimwee 

Heimwee waarnaar? Vroeger, toen ze jong waren, wisten ze dat al helemaal niet en kenden ze geen mensen me wie ze dat gevoel hadden kunnen bespreken en delen. Maar door de snelle ontwikkeling van de spiritualiteit van tegenwoordig, begonnen zij zich in latere jaren steeds duidelijker te realiseren dat hun heimwee is gericht op de geestelijke wereld: de wereld vanwaar we komen en waar we na onze dood weer naartoe zullen gaan. Overigens is dit gevoel van heimwee kenmerkend voor alle nieuwetijdskinderen, dus niet alleen voor de oudere nieuwtijdskinderen. Die herinnering bestaat meestal alleen uit een gevoel, maar sommigen (volwassenen en kinderen) hebben ook nog beelden van de lichtwereld.

  • De andere intelligentie en hun afkeer van school

Opvallend is ook de soort intelligentie die volwassen nieuwetijdskinderen eigen is. Ze zijn meestal behoorlijk intelligent, maar het is een intelligentie die niet op de gangbare manier tot uitdrukking komt: hun intelligentie is vooral een creatieve intelligentie en een sociale intelligentie. Het denken van nieuwetijdskinderen is vooral beeldend, intuïtief en associatief. Op school hadden de volwassen nieuwtijdskinderen het meestal niet gemakkelijk, hoe intelligent ze ook waren, simpelweg omdat hun intelligentie zeker in die tijd meestal niet herkend en begrepen werd.

  • Een gevoel van vervreemding

Wat doe ik hier eigenlijk, in deze koude, harde wereld die mij eigenlijk zo vreemd is? Het is een spontane gedachte, vaak een flits die gelukkig ook weer snel verdwijnt maar het blijft een gevoel op de achtergrond dat weer naar voren kan komen. Het is dit basisgevoel dat de volwassen nieuwetijdskinderen er altijd weer op wijst dat ze burgers zijn van twee werelden: enerzijds van de aarde, anderzijds van de geestelijke wereld.

  • Geestelijk emigreren en daardoor wegbereiders

Net als dat gevoel met heimwee, wijst ook deze gedachte op een dieperliggend weten dat we weliswaar hier in een lichaam op aarde leven, maar dat we afkomstig zijn uit een andere wereld van louter licht. En hoe meer de volwassen nieuwetijdskinderen zich dit weten in de loop van hun leven bewust leerden maken, hoe meer zij vanuit oude, in hun jeugd meegegeven inzichten en geloofsovertuigingen, toegroeiden naar een ander inzicht en een andere levensvisie. Maar juist omdat de meeste oudere, volwassen nieuwetijdskinderen nog een kerkelijk geloof meekregen, ervoeren zij de overgang naar een andere levensvisie als een grootste en ingrijpende overgang die je zou kunnen vergelijken met een emigratie. Het gevoel een geestelijke emigrant te zijn, is eveneens een belangrijk kenmerk van het levensgevoel van volwassen nieuwetijdskinderen.  Zij, de volwassen nieuwetijdskinderen, zijn de wegbereiders, zij banen de weg naar die nieuwe wereld, die nieuwe manier van denken en die nieuwe manier van leven. Ze realiseren die overgang in hun eigen leven en worden daardoor bruggenbouwers, die geestelijke bruggen bouwen vanuit de oude wereld naar een andere wereld. Dat is hun eigenlijke, meest wezenlijke levensopdracht. Het is voor de oudste generatie nieuwetijdskinderen die na hen komen, zoveel makkelijker de weg te vinden naar zichzelf, naar de eigen levensopdracht en naar het nieuwe denken dat daar mee samenhangt.

  • Eenzaamheid

Het zal duidelijk zijn dat juist de volwassen nieuwetijdskinderen nogal wat eenzaamheid hebben doorleefd: afgewezen worden, als het zwarte schaap gezien worden, niet passen binnen het schoolsysteem en op het werk, in verzet komen tegen holle autoriteiten, steeds weer vragen stellen die anderen ongemakkelijk vinden omdat ze eigenlijk geen antwoord hebben, en ga zo maar door; het veroorzaakt onvermijdelijk een voortdurende eenzaamheid. Dat gevoel was vooral ook daarom zo sterk, omdat ze in hun jeugd en in hun jongere jaren heel lang dachten dat ze de enige waren die zo dachten, voelden en in het leven stonden. Pas veel later toen er meer en meer aandacht voor het verschijnsel nieuwetijdskinderen ontstond, ontdekten velen van hen dat ze niet de enige waren en dat er nog veel meer mensen waren die dachten, voelden en leefden zoals zij.

  • Op zoek naar de zin van het lijden

Dikwijls zijn volwassen nieuwetijdskinderen in hun leven op zoek gegaan naar antwoorden. Waarom voel ik mij anders? Waarom zeggen de oude antwoorden mij niets? En vooral als er dan grote problemen opdoemden op hun levenspad, werden ze er nog meer toe aangezet om ook echt op zoek te gaan naar antwoorden, waarmee zij konden leven en die hen zouden helpen om deze moeilijke levensperiode te doorstaan. Velen hebben juist in dergelijke situaties de eerste stappen gezet op de spirituele weg omdat ze alleen daar antwoorden op hun vragen konden vinden waar ze echt wat mee konden. Achteraf zien deze oudere nieuwetijdskinderen dat deze donkere levenservaringen niet zinloos waren, omdat zij daardoor eindelijk de antwoorden vonden.

  • Een onweerstaanbare drang naar vrijheid

Alle nieuwetijdskinderen, zowel de jongere als de oudere, hebben een sterk ontwikkeld gevoel voor vrijheid. Zodra iemand het woord ‘moeten’ gebruikt, komen ze in opstand, in ieder geval innerlijk. Ze willen zelf beslissen over hun eigen leven en verdragen het niet goed als een ander hen al te veel betuttelt.

Lfs, R & J

Weetje…de naam nieuwetijdskind

Hart

Wist je dat er ook volwassen nieuwetijdskinderen bestaan?

Nieuwetijdskinderen waren er vermoedelijk al sinds de jaren ’50 misschien zelfs wel al daarvoor. Met name in Amerika kwam men tot dat inzicht. Zo was de Amerikaanse Nancy Ann Tappe bijvoorbeeld degene die voor het eerst heeft bericht over het fenomeen indigokinderen, een van de termen waarmee nieuwetijdskinderen in die tijd werden aangeduid. Ze vertelt: Ik denk dat ik het in 1982 voor het eerst begon te zien. Het was me al veel eerder opgevallen, maar toen had ik het nog niet benoemd. Pas rond 1985 realiseerde ik me, dat het geen tijdelijk fenomeen was. Nancy noemde de ‘nieuwe’ kinderen indigokinderen. Dat kwam, omdat ze  intuïtief  bij ieder mens een bepaalde kleur waarnam, passend bij diens gedragingen en het type mens dat hij of zij vertegenwoordigde. Nu ‘zag’ ze in de jaren tachtig dat twee kleuren (en daarmee dus twee type mensen) aan het verdwijnen waren: fuchsiarood en magenta, maar dat er een nieuwe kleur opdook en bij kinderen zichtbaar werd: indigo, een prachtige, intens diepblauwe kleur. Zo kwam zij tot het inzicht dat er kennelijk een nieuw type mens geboren werd; het indigokind. Al snel kreeg het thema indigokinderen of nieuwetijdskinderen ook in Europa aandacht, een aandacht die in de jaren daarna alleen maar toenam. In Nederland werd er in 1997 het Platform voor nieuwetijdskinderen opgericht waarin mensen van verschillende achtergrond samenwerkten om nieuwetijdskinderen op te vangen en te helpen, en om bekendheid te geven aan het verschijnsel nieuwetijdskind. Dat heeft goed gewerkt: bijna iedereen heeft er inmiddels al wel over gehoord. Het is duidelijk geworden dat we over een mondiaal verschijnsel mogen spreken, omdat nieuwetijdskinderen in alle culturen en alle religies blijken voor te komen: de berichten over nieuwetijdskinderen komen werkelijk overal vandaan. Daarnaast blijkt het aantal nieuwetijdskinderen alleen nog maar toe te nemen, zodat we kunnen spreken van een doorbraak naar een nieuw bewustzijn.

Er zijn diverse benamingen waarmee de ‘nieuwe’ kinderen worden aangeduid. De term nieuwetijdskinderen wordt vrij algemeen gebruikt als aanduiding voor alle kinderen van de nieuwe tijd: het is dus een soort verzamelnaam. Daarnaast komen we de benaming indigokinderen tegen. Deze term kwam, zoals hierboven te lezen, op vanwege de kenmerkende indigoblauwe aurakleur die deze kinderen eigen is. Ook wordt de naam sterrenkinderen ,regenboogkinderen, of kristalkinderen gebruikt.  Kristalkinderen worden zo genoemd vanwege hun hoge vibratie van kristallen. Regenboogkinderen zijn de kinderen die de laatste jaren geboren worden, ze zijn extreem gevoelig en hebben een uitgesproken intuïtief bewustzijn. Anderen spreken daarnaast over de kinderen van het licht. Die term is begrijpelijk, omdat sommige nieuwetijdskinderen met een grote vanzelfsprekendheid  (die de volwassenen om hen heen verbaast) zeggen dat ze uit (de wereld van) het licht komen. Nog weer anderen gebruiken de term intuïtieve kinderen. Dat zijn kinderen met een grote intuïtieve gevoeligheid die zich al van jongs af aan van hun hoge roeping bewust zijn.

Welkom op onze site!

Welkom op onze site! Nieuwetijdskinderen zijn kinderen die nog sterk verbonden zijn met waar ze vandaan komen. Hun herinnering aan wie ze zijn versterkt hun gevoel van eigenwaarde dusdanig dat het opvoeden en begeleiden van een nieuwetijdskind  niet altijd makkelijk is. Het vergt geduld, creativiteit en inventiviteit om de ongeschreven taal van je kind te leren begrijpen. Een ding is echter zeker: jouw kind is niet zomaar bij jou terechtgekomen. Nieuwetijdskinderen weten heel goed wat ze willen en hoe ze het willen en komen daarmee in botsing met gangbare opvoeding- en onderwijsmodellen. 
Deze kinderen hebben een innerlijke wijsheid tot hun beschikking waar veel volwassenen zich voor hebben afgesloten. Deze kinderen komen om de volwassenen wakker te schudden en dat is een moeilijke taak want niet iedereen wil wakker geschud worden. 
Maar hoe ‘nuchter’ je ook bent, we kunnen er niet omheen en de erkenning van de gevoeligheid en wijsheid van je kind is een eerste stap. Via deze site willen we graag op een heldere no-nonses manier onze ervaringen met je delen. En je ook uitnodigen om jouw ervaringen met ons te delen. Niet op een “zweverige” of “filosofische” manier maar zoals wij altijd zeggen: Niet op een geitenwollen sokken manier maar op sneakers en/of hakken.

NT9

Nieuwetijdskind weetje….

oren dicht NT

Wist je dat nieuwetijdskinderen (zeer) gevoelig zijn?

Ze worden geboren met een zenuwstelsel dat veel meer prikkels signaleert en te verwerken krijgt dan iemand die dit zenuwstelsel niet heeft. Het is net alsof ze functioneren als een radio die vijftig frequenties tegelijk ontvangt. Ze nemen veel scherper en tot in uiterste details waar. Ze zien, horen, voelen en ruiken dingen die anderen ontgaan. Het is alsof hun zenuwstelsel is uitgerust met duizenden extra voelsprietjes. Ze kunnen daardoor een (hoog)gevoeligheid laten zien voor geluid (horen), geuren (ruiken), licht (zien), aanrakingen (voelen), geuren (ruiken), of smaken (proeven). Ze kunnen schrikken van zachte geluiden of interpreteren harde geluiden als overweldigend hard. Voorbeeld: een passerende motor kunnen ze als een overvliegend straalvliegtuig ervaren.

oren dicht NT